Europees geld laten liggen
Dit dossier gaat niet over het beleid, maar over wat hetzelfde resultaat onnodig extra kost. Geen standpunt over de EU dus: Nederland heeft simpelweg recht op maximaal € 5,44 mrd aan subsidies uit het Europese herstelfonds (RRF). Nederland begon laat, diende pas in mei 2024 zijn eerste betaalverzoek in als een van de laatste lidstaten, en liep die achterstand daarna grotendeels in: na het vierde betaalverzoek, dat de Commissie op 7 september 2026 positief beoordeelde, staat de teller op € 3,73 mrd (68,6%), met 81,1% van de mijlpalen vervuld. De resterende € 1,71 mrd komt alleen binnen als het laatste betaalverzoek uiterlijk 30 september 2026 is ingediend, mét alle onderbouwing; wat dan niet rond is, wordt niet uitbetaald. Dat is geen beleidskeuze maar een factuur die we bijna hadden laten verlopen.
Omvang dossier
€ 1,71 mrd te gaan
RRF: 68,6% binnen na 4e verzoek (sept. 2026), laatste verzoek vóór 30 sept. 2026
"Het RRF is geen loterij maar een afspraak: lidstaten voeren hervormingen en investeringen uit, verantwoorden die per mijlpaal, en krijgen dan uitbetaald. Nederland tekende voor maximaal € 5,44 mrd en diende vervolgens pas in mei 2024 het eerste betaalverzoek in, als een van de laatste lidstaten van de Unie. De Algemene Rekenkamer oordeelde in mei 2025 dat de minister van Financiën de verantwoordingsvereisten 'flink onderschat' heeft en dat per geval een korting kan volgen. Sindsdien is het tempo opgevoerd: na het vierde betaalverzoek, dat de Commissie op 7 september 2026 positief beoordeelde (€ 661 mln, 9 mijlpalen en 15 targets), staat de teller op € 3,73 mrd van € 5,44 mrd, 68,6%, met 81,1% van de mijlpalen vervuld. Dat is fors beter dan het beeld van voorjaar 2025, maar de resterende € 1,71 mrd is pas verdiend als het laatste betaalverzoek, inclusief alle onderbouwing, uiterlijk 30 september 2026 binnen is; de Commissie noemt deze datum in haar afsluitingsmededeling als harde grens, met 31 december 2026 als uiterste betaaldatum daarna. Er is geen inhoudelijk meningsverschil met Brussel; er was administratie die lang trager ging dan bij vergelijkbare landen. Elke euro die daardoor alsnog niet op tijd binnenkomt, moet de Nederlandse belastingbetaler zelf bijleggen voor plannen die tóch al worden uitgevoerd, en aflossen op de gezamenlijke EU-schuld waarmee het fonds is gefinancierd."
Bron: Algemene Rekenkamer (mei 2025); Europese Commissie, persbericht IP/26/1801 (7 sept. 2026) en IP/26/304 (4 feb. 2026); Rijksoverheid (7 sept. 2026); Europese Rekenkamer via Binnenlands Bestuur (2024)